Apathie bij ouderen

Apathie en depressiviteit horen niet bij de ouderdom

Bij iemand die apathisch is ontbreken er emoties, motivatie of enthousiasme. Het wordt ook wel ziekelijke onverschilligheid genoemd. Uit promotie onderzoek van het LUMC onder leiding van Prof R.C. van der Mast blijkt dat 7,5 procent van onze 'gezonde' ouderen boven de 75 jaar last heeft van deze aandoening. Een gesprek met onderzoeker en ouderenpsychiater Isis Groeneweg-Koolhoven over apathie, ofwel chronische lusteloosheid.


Print dit interview

Isis Groeneweg-Koolhoven

Apathie wordt vaak gezien als een symptoom van depressie. Deze aandoeningen hebben inderdaad veel raakvlakken en komen vaak in combinatie met elkaar voor. Toch zijn er grote verschillen. Iemand die depressief is ervaart duidelijk een mindere kwaliteit van leven. Hij lijdt en gaat gebukt onder de zware last van het leven en ervaart een negatieve stemming, terwijl een apathische patiŽnt zich niet bewust is van zijn lusteloosheid. De emoties zijn vlak; er is geen blijdschap maar ook geen verdriet. Zijn sociale en emotionele leven functioneert op een laag pitje. Vaak heeft de persoon geen motivatie om iets te ondernemen.

Ouderenpsychiater bij de Parnassiagroep in Rotterdam Isis Groeneweg deed onderzoek naar de relatie tussen apathie en het ervaren van kwaliteit van leven in groepen met en zonder depressieve symptomen en onderzocht ouderen in 19 huisartspraktijken door het hele land. Groeneweg: "Uit dit onderzoek kwam naar voren dat ouderen niet per se depressief hoeven te zijn om apathisch te zijn. Van de ruim 1100 gezonde ouderen boven de 75 jaar die we onderzochten, werd bij 11 procent apathie vastgesteld met behulp van de apathieschaal. In totaal waren er 62 deelnemers met depressieve klachten en daarvan had 45 procent apathie terwijl in de groep zonder bijkomende klachten apathie in 7,5 procent van de gevallen voorkwam."

Oorzaken apathie

Er is in tegenstelling tot depressie nog weinig onderzoek gedaan naar de oorzaken van apathie. Het onderzoek staat echt nog in de kinderschoenen en begint pas de laatste 10 jaar een beetje vorm te krijgen. Groeneweg: "Wat er nu gebeurt aan onderzoek is het in kaart brengen van de aandoening. Er zijn wel aanwijzingen dat biologische factoren een rol spelen zoals cardiovasculaire ziekten (hart- en vaatziekten) bij het ontstaan van apathie. Bij veel neuropsychiatrische aandoeningen zoals Parkinson en dementiepatiŽnten wordt apathie vaak gevonden. Apathie komt vaker voor bij ouderen en we weten ook dat mannen een groter risico erop hebben dan vrouwen. Ook komt het meer voor bij mensen met minder opleidingsjaren. Het lijkt er op dat iemand die beter is opgeleid meer beschermd wordt tegen het ontwikkelen van apathie.

Hoe dit werkt is nog niet helemaal duidelijk. Ook psychologische factoren spelen een rol; iemand heeft immers een eigen persoonlijkheid en een eigen manier van omgaan met problemen. De manier waarop de omgeving met de patiŽnt omgaat, is van ook belang. Het gaat hier om een fragiele groep oudere mensen en apathie heeft een grote impact op het leven van deze mensen. Ze verzorgen zichzelf niet meer en als ze ziek zijn herstellen ze minder goed. Ze zijn niet gemotiveerd om bijvoorbeeld gezonder te eten of te revalideren en controles van de arts slaan ze over. Voor mantelzorgers zijn apathische patiŽnten een grote bron van zorg waardoor overbelasting op de loer ligt."

Omgeving

Voor een familielid of verzorger zijn de veranderingen van een apathische patiŽnt moeilijk. Door vermindering van activiteiten, sociale contacten en emotionele reacties wordt het contact met de patiŽnt lastig en iets 'delen' lukt vaak niet meer. De omgeving klaagt dat moeder niet meer van de bank af komt en geen hobby's meer heeft. De psychiater: "Kinderen vinden dat moeder meer moet ondernemen. Dan vraag ik de kinderen het hemd van het lijf over wie hun moeder was en wie ze nu is. Fietste of wandelde ze vaak, was ze ondernemend? Is het iemand met een opgeruimde natuur of is moeder altijd wat passief geweest? Het kan ook iets zijn wat bij haar karakter hoort. Je kunt je afvragen hoe komt het dat iemand niet van de bank komt. Misschien is het lichamelijk lastig of heeft ze er gewoon even geen zin in. Pas na uitsluiten van lichamelijke beperkingen en depressie kan gedacht worden aan apathie. Als zij niet meer geniet van haar haakwerkje, van mooie muziek op de achtergrond of van het eten terwijl zij hier normaal wel van zou genieten, moet je aan de bel trekken.

Het is niet normaal dat ouderen depressief of apathisch zijn. Het komt voor dat de omgeving denkt: de man of vrouw is oud en heeft het leven gehad, terwijl er wel aanwijzingen zijn dat iemand echt apathisch of depressief is en er in veel gevallen ook wat aan te doen is. Voor de familie is het vaak een lijdensweg als bijvoorbeeld hun vader die apathisch is amper reageert als iemand op bezoek komt. 'Hij merkt toch niet of ik er ben' is dan de reactie, dat is natuurlijk triest."

Behandeling van apathie bij ouderen

Apathie als symptoom van depressie is een nieuw terrein van onderzoek en het is dus ook een zoektocht naar medicijnen die verbetering geven. Groeneweg: "Er zijn geen richtlijnen voor behandeling omdat er nauwelijks onderzoek naar is gedaan. Soms kan methylfenidaat een gedragsverandering veroorzaken en bij patiŽnten met apathie en bij de ziekte van Parkinson kunnnen dopaminerge middelen verlichting geven. In sommige gevallen wordt er gekozen voor antidepressiva als een patiŽnt ook depressief is en dan kan soms ook de apathie verdwijnen. Medicatie kan helpen, maar als er sprake is van een herseninfarct, is de schade vaak blijvend en dus lastig te verbeteren.

ApathiepatiŽnten worden geactiveerd door middel van bezigheidstherapie waardoor de patiŽnt structuur in zijn dag krijgt. Ook worden ze gestimuleerd met massages, gedragstherapie of met muziek waarbij het opvallend is dat een live band meer activatie geeft dan bijvoorbeeld het luisteren naar een cd. Het is belangrijk het gedrag niet als negatief te bestempelen; soms wordt het ten onrechte gezien als luiheid."

Naar de behandeling van depressie bij ouderen is minder onderzoek gedaan dan bij volwassenen. Uit eerdere studies blijken psychotherapeutische interventies met name bij lichte en matige depressies even effectief te zijn als bij volwassenen.1 Medicamenteuze behandeling met antidepressiva zijn eveneens effectief waarbij, vooral de ernstige depressies met een kortere duur, goed reageren en er geen verschil is tussen de verschillende antidepressiva qua effectieve werking.2

Conclusie

Over de behandeling van depressie hebben we veel wetenschappelijke bewijs. Specifiek onderzoek naar de behandeling van depressie bij ouderen is er maar weinig. Voor de behandeling van apathie bij ouderen weten we eigenlijk niet wat de beste behandeling is. Groeneweg:"Bij zowel de behandeling van apathie als van depressie, blijft het vaak wel zoeken naar de juiste medicatie. Er zijn mensen die weerstand hebben tegen medicatie of er niet goed op reageren. Het is dan raadzaam om terug naar de arts of psychiater te gaan om te kijken of er medicatie is waar wel goed op wordt gereageerd."

1 Cuijpers P, van Straten A, Smit F. Psychological treatment of late-life depression: a meta-analysis of randomized controlled trials. Int J Geriatr psych. 2006 dec. 21 (12): 1139-1149

2 Calati M, Marsano A, De Ronchi D, Aguglia E, Serretti A. Antidepressants in elderly:metaregression of double-blind tandomized clinical trials. J Affect Disord. 2013 may 147(1-3): 1-8.

Print dit interview

(advertenties)

Print deze pagina uit Print deze pagina
Voeg Depressief.nl toe aan je favorieten! Favorieten

(advertenties)